Voorwaarden aftrek zorgkosten

Voor de aftrek van zorgkosten geldt om te beginnen een aantal algemene voorwaarden.

Het gaat om uitgaven voor de volgende personen.

  1. Jij zelf.
  2. Je fiscale partner.
  3. Je kinderen jonger dan 27 jaar. Het maakt niet uit of ze bij jou thuis wonen of ergens anders. De enige uitzondering is de aftrek van extra uitgaven voor kleding en beddengoed. Die mag je alleen aftrekken voor kinderen die thuis wonen.
  4. Ernstig gehandicapte personen van 27 jaar en ouder (zoals kinderen, verwanten of vrienden) met wie je een gemeenschappelijke huishouding voert en die ook op jouw adres zijn ingeschreven in de gemeentelijke Basisregistratie personen (BRP). ‘Ernstig gehandicapt’ betekent dat zij een indicatie hebben van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor langdurige, intensieve zorg op basis van de Wet langdurige zorg (Wlz).
  5. Ouders, broers of zussen die bij je in huis wonen en die van jouw zorg afhankelijk zijn. Dat betekent dat ze zonder de mantelzorg die jij geeft, afhankelijk zouden zijn van professionele zorg (thuis of in een instelling).

Gaat het om uitgaven voor personen onder de nummers 3, 4 en 5 (anderen dan jij zelf of je fiscale partner), dan geldt als extra voorwaarde dat zij deze kosten niet zelf kunnen dragen. Kunnen zij dat wel, dan kun je die uitgaven niet aftrekken bij jouw aangifte. Ook niet als je ze in de praktijk wel degelijk voor hen betaald hebt. Je bent dan namelijk (in de termen van de belastingwetgeving) niet ‘redelijkerwijs gedrongen’ om deze kosten voor je rekening te nemen. Hebben je huisgenoten de kosten zelf gedragen (of jou er een vergoeding voor gegeven), dan kunnen ze die kosten wel zelf bij hun aangifte inkomstenbelasting meenemen als zorgkosten.

Mijn ernstig zieke moeder woonde de afgelopen jaren bij ons in. Vorig jaar is zij overleden. Daarna kwamen er nog rekeningen binnen voor de intensieve zorg in de laatste periode. Die hebben wij betaald uit de erfenis. Kunnen we deze kosten aftrekken als zorgkosten? En zo ja, bij welke aangifte?

Je kunt deze kosten niet meer opvoeren bij de laatste aangifte voor je overleden moeder. Het gaat immers om kosten die zij zelf niet meer betaald heeft. Je kunt ze wel bij je eigen aangifte als zorgkosten aanmerken. Je was immers ‘gedrongen’ om deze kosten te betalen, voor een ouder die bij jou in huis woonde. Dat heeft de Hoge Raad bepaald.

Is er een inkomensgrens voor meerderjarige kinderen? Mijn zoon heeft alleen een Wajong uitkering. Moet hij dan al zijn zorgkosten zelf betalen? Of kan ik ze betalen en dan als zorgkosten aftrekken bij mijn eigen aangifte?

Daar zijn helaas geen harde regels voor. In de regeling staat dat degene die de kosten aftrekt, ‘redelijkerwijs gedrongen’ moet zijn om die kosten op zich te nemen.
Dat is bijvoorbeeld het geval als je kind met een Wlz indicatie in een zorginstelling woont en van zijn Wajong uitkering alleen zak- en kleedgeld overhoudt. Als je de extra zorgkosten betaalt, kun je die bij je eigen aangifte meenemen als zorgkosten tot je kind 27 jaar oud is.
Bij vermogen geldt in ieder geval een ondergrens van € 7.770 (het vrijgestelde vermogen in de Participatiewet voor het jaar 2025). Is het vermogen lager, dan hoeft je kind het niet aan te spreken. Maar je kunt ook aanvoeren dat een groter vermogen geen overbodige luxe is voor iemand die vanwege handicap of ziekte voor hoge kosten kan komen te staan. Ook in de toekomst, als jij er niet meer bent om zo nodig bij te springen. Bij vragen van de belastinginspecteur moet je dan wel duidelijk kunnen maken waarom dat zo is.

Beperkingen

Er geldt bij de aftrek van zorgkosten een aantal beperkingen.

  • Als je een vergoeding hebt gekregen, dan kun je het deel van de uitgaven dat je vergoed kreeg niet ook nog eens aftrekken. Ook als je een vergoeding had kunnen krijgen, maar je hebt die niet aangevraagd, kun je de kosten niet aftrekken (met uitzondering van bijzondere bijstand).
  • Uitgaven vanwege het (verplicht of vrijwillig) eigen risico in de basisverzekering voor zorgkosten kun je niet aftrekken.
  • Premies voor zorgverzekeringen zijn niet aftrekbaar. Ook niet voor aanvullende zorgverzekeringen.
  • Wettelijke eigen bijdragen voor de Wet langdurige zorg (Wlz) en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) zijn niet aftrekbaar.
  • Wettelijke eigen bijdragen en eigen betalingen in het kader van de Zorgverzekeringswet (basisverzekering) zijn niet aftrekbaar.

Bij sommige van deze beperkingen gelden uitzonderingen. De kosten zijn dan toch aftrekbaar. Meer hierover lees je op de speciale pagina over de beperkingen van de aftrek van zorgkosten.

Fiscale partners

Doen jullie aangifte als fiscale partners, dan tel je eerst alle zorgkosten van jullie samen bij elkaar op. Neem ook de kosten mee voor eventuele kinderen jonger dan 27 jaar of ernstig gehandicapte huisgenoten. Na vermindering met de gezamenlijke drempel kun je de gezamenlijke aftrekbare zorgkosten naar eigen inzicht verdelen over de aangiften van beide partners. Meer hierover lees je op de speciale pagina over het fiscaal partnerschap en het verdelen van aftrekposten.

Verantwoording

Voor de verschillende onderdelen van de zorgkosten gelden telkens andere regels voor de manier waarop je deze uitgaven kunt verantwoorden. In sommige gevallen kun je aftrekposten opvoeren zonder verder bewijs. In andere gevallen moet je juist heel precies, met schriftelijke bewijsstukken, je kosten kunnen aantonen. Als de Belastingdienst hierom vraagt, moet je die bewijsstukken kunnen overleggen. Kun je dat niet, dan zal de Belastingdienst de aftrek weigeren. De rechter is het daar mee eens.

In 2025 betaald

De kosten moeten betaald zijn in 2025. De datum van de betaling is dus belangrijker dan de datum die op de factuur staat. Het kan daardoor voordelig zijn om de rekening nog vóór 1 januari te betalen (zodat je uitgaven meetellen bij het voorgaande belastingjaar) of juist daarna (zodat ze meetellen bij het lopende belastingjaar).

Geen rente

Heb je geld geleend om zorgkosten te betalen, dan is de rente op die lening niet aftrekbaar als zorgkosten.

Geld terug van vorig jaar

Kreeg je in 2025 geld terug van de Belastingdienst, vanwege de aangifte inkomstenbelasting over het jaar 2024, dan kun je deze terugbetaling volledig buiten beschouwing laten bij je aangifte inkomstenbelasting over het jaar 2025. Belastingteruggave telt niet als inkomen. Ook niet voor je uitkering.


Alle informatie in deze rubriek gaat over het belastingjaar 2025. De aangifte inkomstenbelasting over dat jaar start op 1 maart 2026.